Skip to content

Nieuwe rapportage uitvoering Jeugdwet naar gemeenteraad

1 april 2019
Gezin

Het college informeert de Almeerse gemeenteraad half jaar over de uitvoering van de Jeugdwet. De rapportage over het tweede half jaar van 2018 wordt binnenkort met de raad besproken. In de cijfers valt een aantal zaken op:

  • Het aantal jeugdigen dat gebruikmaakt van behandeling neemt sterk af. Dit cijfer is enigszins geflatteerd. Het betreft behandelingen op basis van een verwijzing. Er zijn ook behandelingen mogelijk zonder gemeentelijke verwijzing, bijvoorbeeld via de onderwijs–jeugdhulparrangementen.
  • Het gebruik van specialistische geestelijke gezondheidszorg (ggz) blijft stabiel. Hoewel we de subsidieplafonds hebben losgelaten en de bevolking groeit, zien we geen toename van het gebruik van jeugd-ggz. Mogelijk zijn de praktijkondersteuners jeugd-ggz in de huisartsenpraktijken hier de oorzaak van. Van een verschuiving van specialistische ggz naar basis-ggz lijkt nog geen sprake. De aanmeldwachttijd is iets aan het dalen, maar ligt nog altijd boven de norm. Dit is niet het gevolg van gemeentelijk beleid, maar komt vooral door het gebrek aan capaciteit bij de aanbieders.
  • Het aantal jeugdigen in het behandeld wonen (residentiële jeugdhulp) is na een forse daling sinds 2016 stabiel. Meer jeugdigen maken gebruik van de lichtere vorm begeleid wonen. Minder positief is het grote aandeel 18-plussers in woon- en behandelgroepen. De uitstroom van deze groep naar (begeleid) zelfstandig wonen of naar huis verloopt nog niet goed.
  • Het aantal pleegzorgplekken is stabiel, terwijl we een groei zouden willen zien. Er is sprake van pleegzorgplaatsingen die mislopen. Gedrag van het pleegkind kan ertoe leiden dat het gezin de pleegzorg niet meer aan kan. Dan volgt alsnog opname in een instelling.
  • In september 2018 is een nieuw team voor ambulante spoedhulp gestart met direct effect: de gemiddelde doorlooptijd van crisisplaatsingen is in het laatste kwartaal van 2018 gedaald.
  • Het aantal jeugdigen in gesloten opvang is blijvend laag en het aantal maatregelen jeugdbescherming en jeugdreclassering is stabiel.
  • Het aantal adviesaanvragen bij Veilig Thuis Flevoland stijgt sterk. Inwoners en professionals weten de organisatie goed te vinden. Gevolg is wel dat Veilig Thuis Flevoland minder dan voorheen de normtijden voor onderzoek haalt. Ten opzichte van 2017 verwijst de organisatie minder vaak door naar het lokale veld. De gemeente voert onderzoek uit naar de redenen hiervoor.  

De rapportage bevat een prognose voor de uitgaven aan jeugdhulp. Naar verwachting is er in 2018 sprake van een hogere overschrijding op het budget voor jeugdhulp dan eerder verwacht. Dit beeld matcht niet altijd met de cijfers in deze rapportage over de aantallen jeugdigen die jeugdhulp krijgen. We willen in 2019 een verbetering doorvoeren in (processen om te komen tot) de financiële prognoses. Ook willen we in de volgende rapportage een betere duiding kunnen geven van de informatie over aantallen jeugdigen met jeugdhulp in relatie tot de prognoses over uitgaven.

We geven in de rapportage verder informatie over investeringen om veranderingen in de jeugdhulp te versnellen (de zogeheten businesscases jeugdhulp): 

  • extra praktijkondersteuners geestelijke gezondheidszorg. De cijfers laten zien dat er in 2018 ruim vierhonderd meer kinderen zijn gezien door de praktijkondersteuners dan in 2016. De professionals zijn steeds beter in staat problemen afdoende op te lossen. Waar in 2016 nog zo’n 42% van jeugdigen die de praktijkondersteuners zien een verwijzing kreeg naar specialistische behandeling, is dat nu zo’n 27%.
  • inzet van Humanitas-vrijwilligers in gezinnen met opvoed- en opgroeiproblemen. Een groot deel van de deelnemers aan Humanitas-programma’s had na afloop geen professionele hulpverlening meer nodig.
  • meer preventie via JGZ Almere. Met name het programma Voorzorg heeft veel zeer kwetsbare jonge moeder bereikt.
  • onderwijs-jeugdhulparrangementen in het speciaal (basis)onderwijs. Dit is later uitgebreid met School2Care. Het percentage leerlingen met een individuele vorm van hulp op scholen met een arrangement was begin 2016 ongeveer 27%. In het laatste kwartaal van 2018 was dit nog 15%. De pilot School2Care hebben we echter moeten afbreken. Het aantal aanmeldingen was zo laag dat de prijs per leerling onverantwoord werd. Leerlingen die gebruikmaakten van School2Care, kunnen hun jaar afmaken.  

Tot slot zijn in de rapportage enkele andere inhoudelijke ontwikkelingen genoemd die de uitvoering van de jeugdhulp (gaan) beïnvloeden. Zo is de gemeente vanaf 2019 verantwoordelijk voor jeugdhulp aan asielzoekerskinderen en starten we met uitvoering van transformatieplannen met hulp van een meerjarige rijkssubsidie.